Heb je wel eens een hevige paniekaanval meegemaakt en ben je daarvoor bij je huisarts geweest? Grote kans dat er gesproken werd over het gebruik van medicatie. Of wat specifieker over antidepressiva.

 

In Nederland zitten ongeveer een miljoen mensen aan de antidepressiva. Zijn al die mensen angstig of depressief? Dat is nog maar de vraag. Ook weten we inmiddels dat lang niet iedereen medicatietrouw is. Bovendien zou je in eerste instantie denken dat antidepressiva voor mensen is die depressief zijn, toch? Niet dus. Het is moeilijk te zeggen wat precies de verhouding is tussen het gebruik van mensen die depressief zijn of voor mensen die angstig zijn of dan wel allebei. Maar al vele jaren wordt er antidepressiva voorgeschreven bij vormen van angststoornissen. Het is dan ook niet zo dat alle middelen tegen depressies ook automatisch werken bij angststoornissen. Daarom hieronder de belangrijkste die voornamelijk worden ingezet bij angst- of paniekklachten.

Tegenwoordig wordt er bij angstklachten het meest selectieve serotonine heropname remmers voorgeschreven, beter bekend als de SSRI’s.

Voorbeelden van SSRI’s zijn o.a.: paroxetine, fluvoxamine, fluoxetine, sertraline, citalopram, mirtazapine en escitalopram.

Deze middelen worden allen toegerekend tot de moderne antidepressiva. Dat wil zeggen dat men gedurende de jaren ’70 bewust opzoek is gegaan voor een beter alternatief dan de tot dan toe bekende tricyclische antidepressiva waar erg veel bijwerkingen aan zaten. Bovendien bij overdosering levensgevaarlijk konden zijn. Het is nog uit de tijd dat er toch echt wel iets gruwelijk mis moest zijn met je wanneer je dergelijke medicatie tot je moest nemen. Het geen een mogelijke verklaring kan zijn waarom tot op de dag van vandaag gebruikers het als een taboe zien om er over te praten. Hoewel er nog steeds iets van te zeggen valt, is de werking van SSRI’s ten opzichte van de tricyclische antidepressiva in ieder geval enorm verbeterd.

 

De keerzijde

 

Maar deze ‘verbetering’ bracht ook een keerzijde met zich mee. Na loop van tijd werd het middel voor zowat iedere vorm van enige angst voorgeschreven. Van paniekaanvallen tot piekeren of je continue ergens zorgen om maken, de pillen zouden de oplossing brengen. Dit is vele jaren zo door gegaan met de constatering dat we nu met enorme aantallen mensen zitten die het middel gebruiken. Nu er in Nederland 17 miljoen mensen woonachtend zijn, is het best eens aardig je te beseffen dat wanneer je ergens in een openbare ruimte komt in elk geval één van de 17 antidepressiva gebruikt of heeft gebruikt.

Daarnaast is er ook altijd het verhaal dat de pillen vooral worden voorgeschreven zodat de farmaceutische industrie er beter van zal worden. Zij hebben een machtspositie en verleiden huisartsen om het middel in te zetten, zodat er winst gemaakt kan worden. Nu er steeds meer aandacht voor het medicijn komt, zijn er gelukkig ook een hoop huisartsen die eerst andere overwegingen maken alvorens antidepressiva voor te schrijven. Met andere woorden niet elke huisarts is te verleiden voor de industrie en dat is maar goed ook.

Maar soms is het ook de patiënt zelf die toch liever een pil heeft dan een heel therapeutisch traject te moeten doorlopen. “Kunt u niet gewoon een pilletje geven dokter?” We leven nou eenmaal in een tijd waarin alles snel opgelost moet worden. Althans dat is steeds meer hoe we zijn gaan leven. Mensen nemen te weinig tijd om om te leren gaan met tegenslagen.

 

Waarvoor dan antidepressiva?

 

Wat antidepressiva betreft is het goed te weten waarom dit medicijn er is. Het is in eerste instantie ontwikkelt voor mensen die lijden aan een depressie waardoor hun kwaliteit van leven aanzienlijk achteruit is gegaan. Door de jaren heen is daarnaast gebleken dat de wijze waarop antidepressiva (de SSRI’s) werken, het ook angsten dempt doordat ze inwerken op de serotonine huishouding in onze hersenen. Hoe groot die invloed is staat regelmatig ter discussie. Wel werkt antidepressiva voor het overgrote deel van de ‘zwaardere’ depressieve patiënten. Hun kwaliteit van leven is hierdoor vooruit gegaan. Iets dat we soms bijna vergeten wanneer de discussies over wel of niet toepassen van medicatie losbarsten. Zo rollen bijvoorbeeld de reguliere en alternatieve geneeskunde regelmatig over elkaar heen over wie er het meest gelijk heeft. Allerlei cijfers worden uit de hoge hoed getoverd om het verhaal in ieders voordeel kracht bij te zetten. Het maakt het er voor de mensen die er daadwerkelijk mee te kampen hebben allemaal niet gemakkelijker op.

Maar duidelijk is dat er veel te veel mensen rondlopen die het best hadden afgekund zonder antidepressiva. Zoals eerder beschreven ontstond er een tijd dat het middel bij zowat iedere vorm van angst werd voorgeschreven en dat is veel te ver doorgeschoten. En mede hierdoor zijn ook de discussies die er uit ontstaan zijn doorgeschoten.

 

Zorg dat er een begin en een eind aan zit.

 

Voor mensen die met angst- en paniekklachten te maken hebben en daarvoor naar de huisarts gaan. Zou ik het volgende willen zeggen; kijk altijd eerst of er alternatieven zijn voordat je met pillen aan de slag gaat. Cognitieve gedragstherapie, EMDR en mindfulness zijn dan bijvoorbeeld betere alternatieven. Zeker wanneer je voor het eerst te maken krijgt met een hevige paniekaanval is het niet verstandig om direct met medicatie te beginnen. Je lijf heeft een zelf-herstellend vermogen, dat afgezwakt kan raken als je met antidepressiva aan de slag gaat.

Mocht je samen met een arts toch besluiten om met medicatie te gaan starten zorg dan in elk geval dat er duidelijke afspraken worden gemaakt over het gebruik. Maar zeker ook over de periode wanneer er weer aan afbouw van de medicatie gewerkt moet worden. Dat laatste wordt nog maar al te vaak op z’n beloop gelaten waardoor mensen vaak jaren aan de antidepressiva zitten zonder uitzicht op afbouwen. En hoe langer je het gebruikt, hoe lastiger het weer is om te kunnen stoppen. Sommige mensen komen er dan nooit meer vanaf terwijl dat best mogelijk was geweest.

 

 

 

Vincent van der Waal

 

 

Bronnen:

 

www.ggznieuws.nl/

www.psychischegezondheid.nl/

www.volkskrant.nl